Of het nu moeilijke zijn of niet, alle artiesten worden "gesoigneerd". Daar waar zij in het verleden steeds op verplaatsing gingen eten, is er nu voor hen backstage een artiestenrestaurant in elkaar geknutseld. Traiteur Geert (die ook op Sporting Lokeren kookt) zorgt dat de artiesten lekker gevoederd het podium opkunnen.
De grootse naam ooit staat op het programma: John Cale. Hij brengt een concert waar een 12 000 mensen uit alle windstreken ademloos van staan te genieten. Er worden zo maar eventjes 11 groepen exclusief voor België naar Lokeren gehaald. Dit kost een heleboel geld maar je haalt er dan ook kwaliteit mee in huis. De dance-avond zorgt voor een nooit geziene kolkende massa op de Grote Kaai. Een stampvol plein (met opvallend veel franstaligen) wordt naar het kookpunt gebracht door een aantal dj's en live-acts. Groepen die in het oog springen zijn Habib Koïte & Bamada, Tom Robinson, de totale dance-avond maar nog het meest: meneer John Cale. Hemzelf. En de nieuwbakken voorzitter van de Lokerse Feesten, Luc Bonnaerens, kijkt ernaar en ziet dat het goed is.
Dat enkele Belgische groepen het "hoog in hun bol" zitten hebben is reeds een tijdje duidelijk. Getuige daarvan hun afschuwelijk hoge gages. Maar Stijn Meuris van Noordkaap meent ook nog eens dat hij de geluidskwaliteit, die van wereldniveau is, moet bekritiseren. Adieu maat, blijft gij dan maar voor uw gazetje schrijven.
Opnieuw worden in de spiegeltent enkele kleinere groepen geprogrammeerd die, tijdens de pauzes op het grote podium, hun ding mogen doen: The Belgian Blues Band, Fu-rame, Nie Neute, Sheffield Wednesday, The Boon Docks, The Next Generation, Pink, Burnt Sienna.































